na alweer een bevlogen tocht
op jacht naar een beeld
dat poogt te vatten wat niet te vatten valt
en een mise-en-scene
met schoonheid en tragiek in een gulden snede
strijk je neer
en je vraagt je liefste de ogen te sluiten
en op haar buik schets je vingergewijs de gevolgde route
en je beschrijft haar, wederom,
het relaas van alle gemiste foto’s
in geuren en kleuren
en fluistert haar in het oor dat
de wereld te groot is om te bezien door kleine gaatjes
en te klein voor grote woorden
en je geliefde, in haar meest vrouwelijke versie,
verkiest het licht van de troost boven de schaduw van het succes
en zo vang je, op de valreep, alsnog een beeld dat er staat